Fluorochinolonen zijn antibiotica die worden gebruikt voor de behandeling van verschillende levensbedreigende, bacteriële infecties

Het gebruik van fluorochinolonen dient beperkt te worden tot goedgekeurde indicaties, vanwege de ernstige, langdurige en mogelijk blijvende bijwerkingen. De SFK ziet dat in de afgelopen tien jaar het aantal verstrekkingen met 21% is afgenomen. Aldus de SFK in het Pharmaceutisch Weekblad.

Fluorochinolonen zijn antibiotica die worden gebruikt voor de behandeling van verschillende levensbedreigende, bacteriële infecties. Omdat ze ernstige, langdurige en mogelijk blijvende bijwerkingen kunnen hebben op spieren en het zenuwstelsel, is het gebruik van deze medicijnen beperkt tot ontstekingen waarbij andere geadviseerde antibiotica voor behandeling van deze ontstekingen niet geschikt zijn. 

Afname verstrekkingen
Uit gegevens van de SFK blijkt dat het aantal verstrekkingen van fluorochinolonen sinds 2019 structureel lager ligt dan de jaren ervoor. Deze daling is waarschijnlijk veroorzaakt doordat in maart 2019 en in juni 2023 aandacht is gevraagd voor terughoudendheid in het voorschrijven van fluorochinolonen. Daarnaast lag het aantal verstrekkingen van alle antibiotica in de coronajaren 2020 en 2021 lager, wat bijdraagt aan deze daling.

Waar fluorochinolonen in 2016 nog circa 482.000 keer werden verstrekt, is dit aantal in de daaropvolgende tien jaar gedaald naar ongeveer 380.000 verstrekkingen in 2025, een afname van 21%. De grootste daling vond plaats tussen 2019 en 2021, gevolgd door een lichte stijging richting 2023. Uiteindelijk zette de dalende trend zich weer voort, waardoor het aantal verstrekkingen in 2025 uitkomt onder het niveau van 2020 en 2021. 

Grotere afname van fluorochinolonen dan van andere antibiotica
De eerste-keus antibiotica en overige tweede-keus of reserve-antibiotica laten een vergelijkbare ontwikkeling zien, al bleef de daling in die groepen beperkter (-11% in tien jaar tijd). Van de fluorochinolonen wordt ciprofloxacine veruit het vaakst verstrekt (85%), gevolgd door levofloxacine (9,2%). Deze verdeling is al jaren stabiel.

De verhouding tussen eerste-uitgiftes (EU) en vervolguitgiftes (VU) is in de afgelopen tien jaar licht verschoven. Van de 480.000 verstrekkingen in 2016 betrof 64% een eerste-uitgifte en 36% een vervolguitgifte. In 2025 is het aandeel eerste-uitgiftes gestegen naar 68% tegenover 32% vervolguitgiftes. Voorschrijvers zijn niet alleen in algemene zin terughoudender geworden maar ook bij vervolguitgiftes van fluorochinolonen.

Bron: SFK