Het gebruik van methylfenidaat bij jeugdige gebruikers tot 18 jaar nam juist af

Openbare apotheken verstrekten in 2021 het ADHD-middel methylfenidaat aan 197.000 personen tussen 6 en 50 jaar. Door de afname van het aantal jonge methylfenidaatgebruikers en de stijging bij de volwassenen, zijn er nu absoluut gezien meer volwassen gebruikers.

In 2021 verstrekten openbare apotheken aan ruim 238.000 patiënten in de leeftijd van 6 tot 50 jaar een geneesmiddel bij ADHD, bijna 14.000 gebruikers meer (6,2%) dan in 2020. Het aantal patiënten met methylfenidaat, het meest gebruikte middel bij ADHD, steeg met 4,3% en kwam uit op 197.000 gebruikers. Het gestegen gebruik van methylfenidaat is toe te schrijven aan volwassen patiënten. Na een toename in 2019 en 2020 liet het aantal gebruikers van 18 tot 50 jaar van dit middel ook een forse groei zien in 2021 (+9,9%).

Meer langdurig gebruik onder jonge tieners
Zoals de SFK al eerder constateerde, nam het gebruik van methylfenidaat bij jeugdige gebruikers tot 18 jaar juist af. Het aantal jonge gebruikers daalde met 1800 naar 85.000, een afname van 2,0% ten opzichte van 2020. Deze tegengestelde ontwikkeling bij jonge en volwassen gebruikers van methylfenidaat heeft gezorgd voor andere verhoudingen. Vanaf 2020 is het aantal volwassen gebruikers tot 50 jaar van methylfenidaat aanzienlijk hoger dan het aantal jonge gebruikers. Dit is opvallend, want ondanks dat er in de bevolking meer 18- tot 50-jarigen zijn dan 6- tot 18-jarigen, behoorden de meeste gebruikers van methylfenidaat historisch gezien tot de jongere groep.

Tweedeling
Hoewel ADHD zich meestal voor het eerst manifesteert in de kindertijd, kan de aandoening ook gevolgen hebben in de volwassenheid. Dit kan een aanleiding zijn voor langdurig gebruik van ADHD-medicatie. Van alle patiënten tussen de 12 en 25 jaar die in 2017 meer dan negentig dagen methylfenidaat gebruikten, gebruikte de helft drie jaar later, in 2020, nog steeds een middel tegen ADHD. De andere helft was gestopt. Hierbij was een tweedeling zichtbaar tussen jongeren van 12 tot 18 jaar versus de volwassenen van 18 tot 25 jaar.

Het aandeel gebruikers van 12 jaar dat na drie jaar nog steeds ADHD-medicatie gebruikte, bedroeg 65% en daalde per leeftijdsjaar met zo’n 5%-punt tot 40% onder de 17-jarigen. De groep 18-25 jaar liet juist een stabiel percentage langdurige gebruikers zien van ruim 50% per leeftijdsjaar.