De Wzd regelt de rechten van mensen met een verstandelijke beperking, dementie of gelijkgestelde aandoeningen bij onvrijwillige zorg

De Wet zorg en dwang (Wzd) moet flink aangepast worden omdat deze nu te complex en daardoor onuitvoerbaar is. Dat schrijft minister Helder van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in een reactie op de wetsevaluatie van de Wzd. Ook geeft de wet in de praktijk onvoldoende rechtsbescherming aan mensen die met de wet te maken krijgen, aldus de minister.

De Wzd regelt de rechten van mensen met een verstandelijke beperking, dementie of gelijkgestelde aandoeningen bij onvrijwillige zorg. In 2022 verscheen de evaluatie van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en de Wzd. Alzheimer Nederland, KansPlus, het LSR, LFB, Per Saldo en Ieder(in) waren erg kritisch over de aanbevelingen van die wetsevaluatie. Gezamenlijk hebben de organisaties toen een aantal punten onder de aandacht gebracht van de leden van de Eerste en Tweede Kamer (zie hier onze reactie op de wetsevaluatie).

Daarnaast hebben de cliëntorganisaties gezamenlijk onderzoek gedaan onder hun achterbannen naar ervaringen met de Wzd. Daaruit blijkt dat de kennis over de wet nog steeds beperkt is (zowel onder cliënten/naasten als zorgprofessionals), dat de wet in de praktijk nog steeds niet goed geïmplementeerd is en dat onvrijwillige zorg nog te vaak onzorgvuldig wordt toegepast (het onderzoek vind je onder dit artikel).

Reactie van de minister
Minister Helder schrijft in de brief aan de Tweede Kamer wat zij met de aanbevelingen uit het evaluatierapport gaat doen. Volgens haar komen de belangrijkste doelen van de wet, het terugdringen van het toepassen van dwang en het vergroten van de eigen regie van mensen die gedwongen zorg nodig hebben, onvoldoende uit de verf. Ook bevestigt zij dat de complexe wet nog steeds niet door alle zorgaanbieders goed is geïmplementeerd. Er zijn volgens Helder grote inspanningen nodig om de wet goed uit te voeren. Verder wil ze nadrukkelijk de rechtspositie versterken van mensen die met onvrijwillige zorg te maken krijgen. De minister kondigt in de brief aan een heel nieuw wetsvoorstel voor te bereiden.

Stappenplan
Een belangrijk onderdeel van de Wzd waarin de rechtpositie van cliënten wordt gewaarborgd is het stappenplan, waarbij elke stap wordt besproken met de cliënt en de vertegenwoordiger. Het stappenplan wordt in de praktijk onvoldoende en onzorgvuldig ingezet. Ook wordt er nog te weinig gezocht naar alternatieven. Daardoor bestaat het risico dat onvrijwillige zorg te snel en/of te lang wordt toegepast.

Ieder(in) heeft vorig jaar in een brede coalitie van veldpartijen uit zowel de ouderenzorg en gehandicaptenzorg het advies ‘Van stappenplan naar maatwerk in dialoog’ opgesteld. De minister gaat dit advies opvolgen om tot meer maatwerk te komen. Voor mensen die zich niet verzetten, maar ook niet instemmen met onvrijwillige zorg, wil ze volledig van het stappenplan af. Ieder(in) is hier eerder mee akkoord gegaan , maar heeft de minister toen wel gevraagd om extra waarborgen om de rechtspositie van cliënten te beschermen. In de uitwerking van het nieuwe wetsvoorstel blijft Ieder(in) daarop toezien.

Cliëntvertrouwenspersoon
Ook de cliëntvertrouwenspersoon (CVP) speelt een belangrijke rol in het beschermen en versterken van de positie van de mensen met een beperking. Uit het onderzoek van de cliëntorganisaties én uit de wetsevaluatie van afgelopen jaar blijkt dat de CVP onvoldoende tot zijn recht komt en dat er nog weinig bekendheid over is. De minister laat weten dat ze zich gaat inzetten voor het verstevigen van de positie van de CVP. Zo worden zorgaanbieders verplicht om cliënten expliciet te wijzen op de mogelijkheid om een beroep te doen op de CVP. Ook locatiebezoeken door de CVP wil de minister wettelijk regelen. Ieder(in) zal nauw betrokken blijven bij de verdere uitwerking hiervan.

Hoe nu verder?
Er komt een nieuw wetsvoorstel met betrekking tot zorg en dwang. Om concrete voorstellen uit het veld te verzamelen, organiseert het ministerie van VWS het komende jaar klankbordgroepen. Alzheimer Nederland en Ieder(in) vertegenwoordigen daarin samen het cliëntperspectief, zodat de rechtpositie van mensen die te maken krijgen met onvrijwillige zorg in het nieuwe wetsvoorstel geborgd wordt. In de eerste helft van 2024 moet het nieuwe wetsvoorstel aan de Tweede kamer worden gestuurd, die dan naar verwachting per 1 januari 2026 in werking zal treden. Tot die tijd is het van belang om de huidige wet te blijven naleven, zodat de rechtspositie van mensen in de praktijk niet verslechtert.

Een van de belangrijkste kritiekpunten van de cliëntorganisaties op de wetsevaluatie is dat het perspectief van mensen (en hun naasten) die met onvrijwillige zorg te maken hebben, zwaar onderbelicht is. Na de zomer zetten we een nieuwe digitale vragenlijst uit over de Wzd aan cliënten en naasten. Schrijf je in voor de Ieder(in)-nieuwsbrief om op de hoogte te blijven. 

Nulmeting Ervaringen met de Wet Zorg en dwang

Bron: Ieder(in)